Inburgeren

Wat is inburgering?

Mensen die voor lange tijd met een verblijfsvergunning in Nederland komen wonen, moeten Nederlands leren en weten hoe de samenleving in elkaar zit. Dat heet inburgeren.

Wie moeten er inburgeren?

Om te bewijzen dat ze de taal spreken en weten hoe de Nederlandse samenleving in elkaar zit, leggen vluchtelingen een verplicht inburgeringsexamen af. Verplichte inburgering geldt voor mensen die aan deze voorwaarden voldoen:

  • tussen de 18 jaar en de pensioengerechtigde leeftijd
  • in het bezit van een verblijfsvergunning
  • niet in het bezit van een paspoort van een land uit de Europese Unie of Turkije

Inburgeren in 2021

De term NT2 staat voor Nederlands als Tweede Taal.

Binnen NT2 kennen we 4 taalniveaus: A1, A2, B1 en B2.

Als je de taal nog (bijna) helemaal niet beheerst, zit je op niveau A0; je bent dan een absolute beginner.

A2 wordt gezien als het basisniveau dat je eigenlijk nodig hebt om goed te kunnen functioneren in het dagelijks leven, en niveau A1 is een tussenstapje op weg daar naartoe. Als je niveau A2 hebt bereikt, kun je je met het Nederlands in eenvoudige, alledaagse situaties redden.
Op niveau B1 beheers je de taal zodanig dat je je ook in meer bijzondere situaties goed kunt redden.
Als je niveau B2 hebt bereikt, ervaar je vrijwel geen problemen met het communiceren in de nieuwe taal; jij begrijpt anderen en anderen begrijpen jou. Het kan zo zijn dat je bijvoorbeeld wat betreft lezen en begrijpen op een hoger niveau komt dan wat betreft spreken en schrijven.

Veranderingen inburgeringsbeleid op een rijtje

 

Het inburgeringsbeleid gaat op de schop. En dat is hard nodig. We vragen al jaren aandacht voor de problemen die vluchtelingen ondervinden op hun weg naar het verplichte inburgeringsexamen. De overheid laat hen al jaren aan hun lot over, en velen kwamen hierdoor in de problemen. Vanaf 1 januari 2021 moet het nieuwe inburgeringsbeleid in de praktijk worden gebracht.

Inburgeringsbeleid: wat gaat er onder andere veranderen?

  1. Gemeenten worden verantwoordelijk voor het regelen van de inburgering. Nu zijn nieuwkomers dat zelf. Dat lukt vaak niet omdat ze de taal nog niet spreken.
  2. Vluchtelingen gaan de taal op een zo hoog mogelijk, maar haalbaar niveau leren. Nu leren veel vluchtelingen de Nederlandse taal op een te laag of juist te hoog niveau. Straks krijgt iedere vluchteling een eigen inburgeringsplan waarin het juiste niveau wordt vastgelegd.
  3. Inburgering vindt straks meer plaats in de praktijk. Grammatica leer je in de klas, maar je leert Nederland pas echt kennen door ontmoetingen met Nederlanders en het opdoen van werkervaring. Hier komt meer ruimte voor.

Inburgeren in 2022

In 2022 gaat de nieuwe Wet inburgering van kracht. Met de komst van deze inburgeringswet krijgen gemeenten meer regie bij inburgering. Wat gaat er precies voor gemeenten veranderen? Lees hier meer over de belangrijkste thema’s. 

Binnen de nieuwe inburgeringswet moeten vluchtelingen de Nederlandse taal op een zo hoog mogelijk niveau leren. Er zijn drie verschillende leerroutes vastgesteld; de Onderwijsroute, de Z-route en de B1-route. De gemeenten zijn voor vluchtelingen verantwoordelijk voor het inkopen van de leerroutes.

Welke routes zijn er?

Met ingang van de nieuwe wet Inburgering ontstaan de volgende drie routes:

  • B1-Route: veruit de grootste groep inburgeraars zal de B1-Route volgen. Binnen de nieuwe inburgeringswet is de taaleis verhoogd van niveau A2 naar B1. Ook wordt inburgering gecombineerd met participatie, zoals (vrijwilligers)werk.
  • Onderwijsroute: de onderwijsroute is voor jongeren tot 28 jaar. Het is een voltijds-traject van ongeveer 2 jaar. Inburgeraars studeren af op taalniveau B1 en krijgen een aantal noodzakelijke vakken.
  • De Z-route (zelfredzaamheidsroute): de Z-route (zelfredzaamheidsroute) is voor inburgeraars met een lage leerbaarheid. Het is een intensief traject van zo’n 2 jaar, gericht op het zelfstandig kunnen meedraaien in de maatschappij. Deze route wordt niet afgesloten met een examen, maar is volbracht na een eindgesprek met de gemeente en het behalen van een minimale urennorm van 1.600 uur.

De leerroute wordt vastgesteld in het Plan Inburgering  en Participatie (PIP).

1. Wat is de B1-route?

De B1-route bestaat uit een inburgeringscursus met taallessen en Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM). De taallessen zetten in op vier vaardigheden: lezen, luisteren, schrijven en spreken. Deze worden met een examen getoetst.

De gemeente is verplicht een inburgeringscursus aan te bieden met het Blik op Werk-keurmerk Inburgeren. Gemeenten moeten daarop letter bij het inkopen van de cursussen.

De inburgeraar voldoet aan de inburgeringsplicht als hij of zij:

  • geslaagd is voor de centrale taalexamens voor de examenonderdelen Lezen, Luisteren, Schrijven en Spreken op niveau B1 of hoger (of onder voorwaarden afgeschaald naar niveau A2);
  • geslaagd is voor het centraal examen voor KNM;
  • voldoet aan het Participatieverklaringstraject (PVT) en de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP).

De examens worden net als nu centraal door DUO georganiseerd op verschillende locaties in het land.

Wat is het doel van de B1 route?

Het doel van de B1-route is dat de inburgeraar zelfstandig kan participeren in de Nederlandse maatschappij. Het gewenste resultaat is het behalen van de examens op niveau B1. De inburgeraar heeft dan een toereikend taalniveau om uit te stromen naar betaald werk (al tijdens het traject of als vervolg) of een andere passende vorm van participatie. Na verloop van tijd kan de gemeente onder voorwaarden vaststellen dat niveau A2 het hoogst haalbare is binnen de inburgeringstermijn. In dat geval moet het PIP worden gewijzigd, aangezien dan de eindtermen voor het voldoen aan de inburgeringplicht veranderen.

2. Wat is de Onderwijsroute?

De Onderwijsroute bereidt inburgeraars voor op instroom in het Nederlandse beroeps- en hoger onderwijs. In deze route volgen zij een taalschakeltraject waarin zij in relatief korte tijd Nederlands op niveau B1 (of hoger) leren en worden voorbereid op een vervolgopleiding.

Voor wie is de Onderwijsroute bedoeld?

De Onderwijsroute is bedoeld voor inburgeraars met een hoge leerbaarheid, die gemotiveerd zijn een opleiding in het Nederlandse onderwijs te volgen. Concreet gaat het om inburgeraars met de potentie én wil – dit moet in de brede intake besproken worden – om een mbo-, hbo- of wo-opleiding te voltooien. Om aanspraak te kunnen maken op studiefinanciering, moeten zij voor hun 30ste jaar beginnen met een opleiding.

Wat is het doel van de Onderwijsroute?

Het doel van de Onderwijsroute is instroom in vervolgonderwijs op alle niveaus – van mbo tot hbo en wo. Een Nederlands diploma van niveau mbo-2 of hoger geldt als startkwalificatie en biedt een goede startpositie op de arbeidsmarkt. Instroom in opleidingen van mbo-niveau 2 of hoger is daarom gewenst.

Het diploma van het taalschakeltraject geeft op zichzelf geen toegang tot het beroeps- of wetenschappelijk onderwijs. Het taalschakeltraject heeft namelijk niet dezelfde status als een Nederlands diploma van het voortgezet onderwijs. Beoogd wordt dat het diploma van het taalschakeltraject in combinatie met de eventuele opleidingen en/of werkervaring (die de inburgeraar in het land van herkomst heeft opgedaan) voldoende basis biedt voor instroom in het vervolgonderwijs.

Mocht blijken dat een inburgeraar gedurende of na het volgen van het taalschakeltraject niet in staat is om de taalschakel te halen, dan kan onder voorwaarden via de B1-route naar de examens op niveau A2 worden afgeschaald. De inburgeraar voldoet dan niet aan de eisen van het taalschakeltraject en instroom op mbo 2-niveau of hoger wordt ingewikkelder. Door de brede intake aan het begin van het inburgeringstraject – waarin nadrukkelijk ook aandacht uitgaat naar de motivatie om de Onderwijsroute te volgen – en begeleiding door de gemeente, is afschalen naar niveau A2 naar verwachting slechts bij uitzondering nodig.

3. Wat is de Z-route?

De Zelfredzaamheidsroute – ook wel Z-route – is een intensief traject gericht op taal, activering en participatie.

Voor wie is de Z-route bedoeld?

De Z-route is voor inburgeraars met een lage leerbaarheid die moeite hebben met het leren van een nieuwe taal en die in beperkte mate zelfredzaam zijn. Het gaat veelal om mensen die ook in hun land van herkomst weinig of geen scholing hebben gehad of om een andere reden een zeer lage leerbaarheid hebben.

In het nieuwe stelsel is de Z-route bestemd voor inburgeraars van wie wordt verwacht – op basis van de brede intake en leerbaarheidstoets – dat zij het niveau A2 niet binnen 3 jaar kunnen halen. In het oude stelsel zou het grootste deel van deze groep (na aantoonbaar geleverde inspanning) van de inburgeringsplicht worden ontheven. Die optie voor ontheffing bestaat in het nieuwe stelsel niet. Het doel is deze doelgroep zoveel mogelijk te ondersteunen op een niveau dat past bij hun leervermogen, zodat niemand aan de kant staat en iedereen naar eigen vermogen kan meedoen in de samenleving.

Wat is het doel van de Z route?

In de Z-route leren inburgeraars Nederlands op het voor hen hoogst haalbare niveau en leren zij hun weg te vinden in de Nederlandse maatschappij. Deze route wordt, gezien de beperkte leerbaarheid van de doelgroep, niet afgesloten met centrale inburgeringsexamens. In plaats daarvan is er een inspanningsverplichting. Hierdoor is er veel tijd voor taal, activering en participatie, waarbij de aandacht specifiek uitgaat naar praktische (taal)vaardigheden om de inburgeraar te helpen zo zelfstandig mogelijk te participeren. Uitstroom naar betaald werk blijft wenselijk, maar zelfredzaamheid is het belangrijkste doel.

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.